Redelijkheid en billijkheid beperken opzegging permanent bewonen recreatiewoning of chalet

Huur van onbebouwde onroerende zaak; wettelijk bepalingen inzake huur van woonruimte rechtstreeks noch analoog van toepassing. Opzegging huurovereenkomst door de verhuurder stuit jegens deze huurder – die het chalet van meet af aan permanent bewoont – af op aanvullende en beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid. Het financiële belang van de verhurende projectontwikkelaar is onvoldoende zwaarwegend tegenover het woonbelang van de huurder.

Huur van onbebouwde onroerende zaak; wettelijk bepalingen inzake huur van woonruimte rechtstreeks noch analoog van toepassing. Opzegging huurovereenkomst door de verhuurder stuit jegens deze huurder – die het chalet van meet af aan permanent bewoont – af op aanvullende en beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid. Het financiële belang van de verhurende projectontwikkelaar is onvoldoende zwaarwegend tegenover het woonbelang van de huurder, mede in aanmerking genomen dat de permanente bewoning de instemming van de vorige verhuurder had en de gemeente die bewoning steeds heeft gedoogd en thans onder bepaalde voorwaarden legalisering daarvan mogelijk maakt.

Bron: Juridisch Dagblad

Vriendschappelijk gesprek betekent niet verkoop kantoorpand

Onlangs heeft gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de eigenaar, die dacht dat hij zijn kantoorpand met woning had verkocht, in het ongelijk gesteld. Het hof is daarmee tot een andere conclusie gekomen dan de rechtbank te Leeuwarden, die eerder oordeelde dat de koper het pand moest afnemen.

De directeur van een evenementenbedrijf ontving een goed bod op zijn bedrijfspand, maar moest op korte termijn een ander pand zien te vinden. Via een gezamenlijke kennis hoorde de eigenaar hiervan en bood zijn kantoorpand met bovenwoning te koop aan. Dat pand zou wel verbouwd moeten worden en er was een exploitatievergunning nodig. Beiden spraken er enkele keren over en een week na het eerste gesprek bekeek de directeur van het evenementenbedrijf het pand samen met zijn architect en accountant. Daarna stelde de notaris een voorlopig koopcontract op. Tot levering van het pand kwam het echter niet.

Volgens het hof kon de eigenaar de interesse van de directeur voor zijn pand niet opvatten als de aanvaarding van een aanbod. De eigenaar wist dat het pand eerst verbouwd zou moeten worden en dat er vergunningen verleend moesten worden. Dat zou nog de nodige tijd vergen, terwijl de directeur tijdens de eerste bespreking het pand nog niet eens had beoordeeld op haar geschiktheid voor het evenementenbedrijf en er maar weinig tijd was voor de bedrijfsverplaatsing. Daar komt bij dat het initiatief voor de eerste bespreking van de eigenaar uitging omdat hij daarbij een eigen belang had. Het maakt daarbij niet uit dat de eigenaar kennelijk dacht dat de koop al rond was omdat het eerste gesprek in een vriendschappelijke sfeer verliep en er over de prijs van het kantoorpand niet is onderhandeld.

Bron: Pleinplus

Kabinet stemt in met wetsvoorstel Omgevingswet

Minder regels, grotere keuzevrijheid voor burgers en ondernemers, een loket voor omgevingsvergunningen, kortere procedures en een besparing van honderden miljoenen euro’s. Dat zijn de opbrengsten van de Omgevingswet. Het omgevingsrecht, nu verspreid over 40 sectorale wetten, 117 AMvB’s en honderden ministeriële regelingen, wordt gebundeld in één nieuwe Omgevingswet. Een megaoperatie waar iedereen mee te maken krijgt: overheid, bedrijfsleven én burgers.

De ministerraad heeft ingestemd met het wetsvoorstel Omgevingswet van minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu. Met de Omgevingswet wordt het omgevingsrecht vereenvoudigd en gemoderniseerd. De Omgevingswet haalt de schotten weg  tussen een flink aantal wetten en ordent de regelgeving die betrekking heeft op het omgevingsrecht.

De omgevingswet maakt het aanvragen van vergunningen eenvoudiger. Voor burgers en bedrijven komt er een aanvraag, een loket en een besluit. Procedures voor vergunningen gaan van 26 naar 8 weken. Door een effectieve samenvoeging van wetten en regelgeving hoeven ook minder vergunningen te worden aangevraagd. Hiermee wordt besluitvorming effectiever ingericht, neemt het gebruikersgemak toe en nemen de kosten af. Een meer integrale afweging van belangen aan het begin verbetert niet alleen de besluitvorming maar leidt ook tot een snellere uitvoering.

Met de wet kan eenvoudiger, efficiënter en beter aan een duurzame leefomgeving worden gewerkt. De wet moet het mogelijk maken dat projecten – van de aanleg van (spoor-)wegen en natuurprojecten tot de vestiging van een bedrijf – efficiënt verlopen. De wet biedt ruimte voor regionaal en lokaal maatwerk doordat de bestuurlijke afwegingsruimte wordt vergroot. Daardoor kan beter worden ingespeeld op regionale verschillen.

Het wetsvoorstel vloeit voort uit het regeerakkoord. Zes departementen zijn bij de totstandkoming van het wetsvoorstel betrokken. Met de praktijk – gemeenten, provincies, waterschappen, bedrijfsleven, milieu-organisaties – en andere belanghebbenden is uitvoerig overleg geweest over de totstandkoming van het wetsvoorstel.

De ministerraad heeft ermee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer.

Bron: Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Kabinet stemt in met wetsvoorstel Omgevingswet

Minder regels, grotere keuzevrijheid voor burgers en ondernemers, een loket voor omgevingsvergunningen, kortere procedures en een besparing van honderden miljoenen euro’s. Dat zijn de opbrengsten van de Omgevingswet. Het omgevingsrecht, nu verspreid over 40 sectorale wetten, 117 AMvB’s en honderden ministeriële regelingen, wordt gebundeld in één nieuwe Omgevingswet. Een megaoperatie waar iedereen mee te maken krijgt: overheid, bedrijfsleven én burgers.

De ministerraad heeft ingestemd met het wetsvoorstel Omgevingswet van minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu. Met de Omgevingswet wordt het omgevingsrecht vereenvoudigd en gemoderniseerd. De Omgevingswet haalt de schotten weg  tussen een flink aantal wetten en ordent de regelgeving die betrekking heeft op het omgevingsrecht.

De omgevingswet maakt het aanvragen van vergunningen eenvoudiger. Voor burgers en bedrijven komt er een aanvraag, een loket en een besluit. Procedures voor vergunningen gaan van 26 naar 8 weken. Door een effectieve samenvoeging van wetten en regelgeving hoeven ook minder vergunningen te worden aangevraagd. Hiermee wordt besluitvorming effectiever ingericht, neemt het gebruikersgemak toe en nemen de kosten af. Een meer integrale afweging van belangen aan het begin verbetert niet alleen de besluitvorming maar leidt ook tot een snellere uitvoering.

Met de wet kan eenvoudiger, efficiënter en beter aan een duurzame leefomgeving worden gewerkt. De wet moet het mogelijk maken dat projecten – van de aanleg van (spoor-)wegen en natuurprojecten tot de vestiging van een bedrijf – efficiënt verlopen. De wet biedt ruimte voor regionaal en lokaal maatwerk doordat de bestuurlijke afwegingsruimte wordt vergroot. Daardoor kan beter worden ingespeeld op regionale verschillen.

Het wetsvoorstel vloeit voort uit het regeerakkoord. Zes departementen zijn bij de totstandkoming van het wetsvoorstel betrokken. Met de praktijk – gemeenten, provincies, waterschappen, bedrijfsleven, milieu-organisaties – en andere belanghebbenden is uitvoerig overleg geweest over de totstandkoming van het wetsvoorstel.

De ministerraad heeft ermee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer.

Bron: Ministerie van Infrastructuur en Milieu