Hebben erfgenamen ook recht op hypotheekrente-aftrek?

De aftrek van hypotheekrente staat al jaren op de tocht. Telkens wordt er geknabbeld aan de aftrekbaarheid van de hypotheekrente. De regelgeving is zo complex geworden, dat de gemiddelde boekhouder en belastingambtenaar er niet meer uitkomen, laat staan de gemiddelde burger. Toch houdt de overheid enerzijds vast aan de aftrek van hypotheekrente (omdat het altijd zo is geweest en afschaffing te grote consequenties heeft voor de woningmarkt) en wil ze anderzijds de wet begrijpelijk houden. Dat levert een enorm spanningsveld op. In dit artikel wordt een probleem onder de loep genomen, waar je niet iedere dag over nadenkt. Want wat gebeurt er eigenlijk als je een huis en hypotheek hebt en je komt te overlijden. Hebben de erfgenamen dan recht op hypotheekrente-aftrek?

Om die vraag te beantwoorden, bekijken we eerst het geval wat beter. Stel dat oom Jan in 2010 (alleen op zijn naam) een huis heeft gekocht. Hij heeft daarvoor € 250.000 gefinancierd bij de bank. Oom Jan mag de hele € 250.000 aanmerken als zogenaamde eigenwoningschuld. Hij mag daarom de rente aftrekken. Maakt het ook uit of de geldverstrekker een hypotheekakte laat opstellen (waarmee oom Jan zijn huis in onderpand geeft tot zekerheid voor de terugbetaling van het geleende geld)? Nee, dat maakt niet uit. Het gaat erom dat oom Jan het geld gebruikt voor de aankoop (en/of verbouwing) van zijn eigen woning. We gaan ervan uit dat hier wel een hypotheekakte is opgesteld en dat oom Jan zelf in het huis is gaan wonen. Moet oom Jan de hypotheekschuld ook aflossen? Nee, dat hoeft niet persé, tenzij de bank dat toch als voorwaarde heeft gesteld. Voor 2013 was het voor de belastingaftrek niet noodzakelijk om de hypotheek maandelijks af te lossen. Maar ja, dat wil nog niet zeggen dat de bank ook altijd deed wat voor de belasting mocht. De meeste banken hadden en hebben namelijk als stelregel dat maximaal de helft van de lening aflossingsvrij mag zijn, ook al zou het voor de belasting toegestaan zijn alles aflossingsvrij te lenen.

Laten we ervan uitgaan dat oom Jan de helft van de lening aflossingsvrij heeft en de rest annuïtair. Hij mag dan alle rente aftrekken. Wat nou als oom Jan na 5 jaar zou komen te overlijden? Mogen zijn erfgenamen de rente dan blijven aftrekken? Dat ligt eraan. We bekijken 3 situaties:

a. oom Jan is ongetrouwd en laat alles na aan neef Wim (die ook alleenstaand is);
b. oom Jan is getrouwd met tante Petra en die erft het hele huis met de schuld;
c. oom Jan is ongetrouwd en woont samen met Anja (zij hebben geen kinderen). Anja erft het hele huis met de schuld.

In situatie a mag Wim de rente niet aftrekken, ook niet tijdens de periode dat het huis te koop staat. Dat komt omdat Wim niet ‘in het huis’ woont. Dat Wim als erfgenaam in feite wel ‘in de schoenen’ van oom Jan treedt, doet niet ter zake. Zo’n zelfde situatie geldt als vader Kees het huis nalaat aan zijn vier kinderen, en deze kinderen het huis gaan verkopen. Ook dan hebben de kinderen geen hypotheekrente-aftrek gedurende de tijd dat het huis in de verkoop staat.

In situatie b mag Petra de rente wel aftrekken: zij treedt als fiscaal partner (juridisch en fiscaal) ‘in de schoenen’ van oom Jan. Zij hoeft dan niet aan de nieuwe regels te voldoen van de annuïtaire aflossing. Wel geldt dat zij minder dan 30 jaar aftrek krijgt: zij zet de lopende hypotheek van oom Jan voort en mag dus nog maar 25 jaar de hypotheekrente aftrekken.

In situatie c mag Anja de rente wel aftrekken, mits zij aan de nieuwe regels gaat voldoen: met andere woorden, zij moet met de bank afspreken dat de hele (resterende) hypotheek annuïtair wordt afgelost in (ten hoogste) 30 jaar.

Zou je in situatie c ook kunnen bereiken, dat Anja de lopende hypotheek kan voortzetten en toch de rente mag aftrekken? Ja, daarvoor is het nodig dat oom Jan en Anja fiscaal partner voor elkaar worden. Dit kunnen zij bijvoorbeeld bereiken met een samenlevingscontract. Zijn ze fiscaal partner, dan geldt dezelfde situatie als hiervoor onder b. is beschreven voor Petra.

Stel dat we nog in situatie a zijn: als Wim het interessant vindt om in het huis te gaan wonen, zou hij ervoor kunnen kiezen, als oom Jan dat goed vindt, om bij oom Jan te gaan wonen en dan ook nog het liefst met hem een samenlevingscontract op te stellen. Wim zou dan aftrek van de hypotheekrente krijgen en bij het zijn van fiscaal partner zelfs de lening van oom Jan mogen voortzetten, mits uiteraard de bank hier ook mee akkoord gaat.

Bron: Actuele artikelen